Ingezonden

Ingezonden


(Reactie op de ingezonden brief Meiney Roffel van vorige week.)


Beste Meiney Roffel, in de Leusder krant las ik afgelopen week u reactie op het interview met Sophie van Roomen.

Via dit schrijven wil ik toch nog wat nuance proberen aan te brengen in het verhaal. Het klopt dat wij als agrarische sector hier in Nederland een aantal producten produceren die niet alleen voor de Nederlandse markt, maar ook voor export geproduceerd wordt. Echter: we importeren ook weer voedsel producten voor de Nederlandse markt.


Als je in Nederland de veestapel wil halveren, betekend dat dit deel elders in Europa of de wereld alsnog geproduceerd zal gaan worden, en op het gebied van dierenwelzijn, medicijngebruik en duurzaamheid lopen wij voorop, dus wat betekent dat dan?

En ja, het klopt dat als een koe melk wil produceren ze natuurlijk eerst een kalf moet krijgen, de vrouwtjes kalfjes gebruiken we voor eigen opfok en de mannetjes gaan naar een kalverhouder voor de productie van een hoogwaardig eindproduct: om dat dat nu een restproduct te noemen, gaat mij veel te ver.


Nederlandse vleeskalveren worden in Nederland geslacht. We exporteren geen kalveren, maar we exporteren vlees.

Ik zie dat er de laatste jaren door de sector veel geïnvesteerd is op het gebied van voedsel produceren op een manier die meer gewenst is door de Nederlandse samenleving, maar dat hier door de consument nog nauwelijks voor betaald wordt.


Met vriendelijke groet, Niels Wassenaar (melkveehouder en ik ben trots om te wonen en te werken in het mooie Leusden).