De grond op de begraafplaats, waarin ook menselijke resten werden aangetroffen.
De grond op de begraafplaats, waarin ook menselijke resten werden aangetroffen. stichting 'Alert en Zorgzaam'

'Behandel [menselijke overblijfselen] met respect'

Dat is ook een keer een positief bericht’’, laat secretaris en mede-oprichter van de stichting Joris Kniep in een reactie weten. ‘Alert en Zorgzaam’ maakt zich al bijna 20 jaar sterk voor respectvolle behandeling van menselijke resten bij herbegraving, bijvoorbeeld na het ruimen van graven.

Bij renovatiewerkzaamheden van de monumentale muur om de begraafplaats bij de toren van Oud Leusden aan de Vlooswijkseweg werd onlangs niet alleen asbest gevonden, maar ook ‘menselijke overblijfselen’. De noodzakelijke sanering gaat de gemeente naar schatting zo’n 85.000 euro extra kosten.

,,Wij hebben de toezegging gekregen dat de aangetroffen menselijke overblijfselen met respect zullen worden behandeld en herbegraven’’, laat Kniep weten. Hij voegt eraan toe dat de stoffelijke overschotten ‘in beperkte mate’ zijn aangetroffen en dat het waarschijnlijk gaat om overblijfselen die afkomstig zijn uit vroegere ‘ruimingen’.

VERTROUWEN ,,We zijn meteen nadat de menselijke resten werden gevonden gebeld door de gemeente. Dus nog voor er in de publiciteit aandacht aan werd gegeven’’, legt Kniep uit. ,,Dat stellen wij zeer op prijs en we zien de renovatiewerkzaamheden verder dan ook met vertrouwen tegemoet.’’

De relatief onbekende stichting sloot met de gemeente Leusden (net als met andere gemeenten) een convenant waarin is afgesproken dat er respectvol en met piëteit wordt omgegaan met menselijke resten, bijvoorbeeld na het ruimen van graven. De stichting voert daarvoor ook landelijk strijd en boekte daarin parlementair successen.


SCHOKKENDE ERVARING Het verhaal van de stichting begint in 2001. De vrouw van Joris Kniep, destijds eigenaar van een parfumerie in De Hamershof, werd ernstig ziek en overleed in april van dat jaar. De vrouw van een goede klant van Kniep, Hans Holdorp, trof hetzelfde lot. Zij overleed een paar maanden later. Volgens Kniep had Holdorp -de tegenwoordige voorzitter van de stichting- een schokkende ervaring op een begraafplaats in de regio. Kniep: ,,Hij keek zo in een openliggende knekelput met resten uit geruimde graven. Hij zag daar botten, schedels -sommige met haar-, kledingstukken en halfvergane menselijke resten in een kuil die deels met water was gevuld. Je wilt toch niet dat er zó met je geliefden wordt omgesprongen?’’


UITWASSEN De ervaring van Holdorp bleek representatief voor de praktijken die ook elders in ons land gangbaar waren. ,,En dat leidde soms tot schokkende uitwassen’’, vertelt Kniep. Zo leidde de gelijktijdige vondst van menselijke resten in twee parken in Amsterdam tot een schandaal in de media. ,,Daar was grond voor gebruikt die afkomstig was van een Amsterdamse begraafplaats’’, aldus Kniep.

Hij legt uit dat de grond uit een leeggehaald graf bij wat grotere ruimingen in een soort grote centrifuge wordt gezeefd. ,,Soms zelfs inclusief halfverteerde lijken’’, zegt Kniep. Op de site van de stichting noemt het bestuur die werkwijze ‘schokkend’ en ‘Nederland onwaardig’.

,, Je wilt niet dat er zó met geliefden wordt omgesprongen

RESPECTVOLLE BEHANDELING De in hun ogen harteloze manier waarop werd omgesprongen met de resten uit graven die werden geruimd omdat de grafrechten waren verlopen, was voor Kniep en Holdorp aanleiding om de stichting op te richten. ,,Er bleek op dit punt wettelijk niets geregeld. Wij wilden ons ervoor inzetten dat er protocollen zouden worden ontwikkeld die een respectvolle behandeling van menselijke resten -óók bij grafruimingen- garanderen.’’

De stichting boekte in 2008 succes toen bij de behandeling van de vernieuwde Wet op de Lijkbezorging een amendement van de Kamerleden Raymond Knops (CDA) en Ronald van Raak (SP) werd aangenomen. Op basis daarvan zou het werken met ‘knekelputten’ moeten worden vervangen door verzamelgraven waarin de resten uit geruimde graven met respect zouden moeten worden bijgezet. De branche voor begraafplaatsbeheerders kreeg nog een jaar de tijd om over nieuwe regels na te denken. Daarna zou het Rijk moeten kunnen ingrijpen.


WEERBARSTIG De praktijk blijkt tot nu toe echter een weerbarstige. Toenmalig staatssecretaris Ank Bijleveld bleek niet erg enthousiast en legde de bal in eerste instantie bij de vereniging van Nederlandse gemeenten (VNG). ,,Maar dat is zoiets als de slager die zijn eigen vlees keurt. Daar kun je niet veel van verwachten. Dus dat leidde uiteindelijk tot een vrijblijvend advies’’, laat Kniep weten. Toch is er nu wel weer een opening. ,,We zijn recentelijk door een tweetal branchepartijen benaderd. Ze willen praten.'' Dus de hoop dat de praktijk gaat veranderen, staat nog steeds overeind. Kniep: ,,Ook de overheid lijkt bereid jarenlang gevoerd beleid en stug verdedigde oude standpunten te herzien.''

'De overheid lijkt bereid jarenlang gevoerd beleid en stug verdedigde oude standpunten te herzien.'