
‘Uit angst voor mijn schooltrauma en vrees voor instinkers liet ik de uitnodiging aan mij voorbijgaan’
1 maart 2023 om 11:18 ColumnTaalvouten
Hulde aan de voorschrijvers José Huurdeman en Yvonne Oeben, en niet minder aan voorlezer Gerolf Bouwmeester. Zij schotelden vorige week een kleine 200 dapperen Het Groot Leusdens Dictee voor. Ik stond erbij en keek ernaar.
Laten we wel zijn, met een openingszin als ‘U, als consciëntieus participant van het eerste Groot Leusdens Dictee, wordt verondersteld bekend te zijn met het wapenfeit dat de Frankische nederzetting Lisiduna Anno Domini 777 door Karel de Grote werd geschonken aan de Sint Maartenskerk in Utrecht’, golft het stresszweet u toch meteen uit de poriën? En als dit bericht vervolgens ook nog ‘per ordonnans op een przewalskipaard’ blijkt overgebracht, zullen er al snel ook tranen biggelen in de FORT-zaal. Altijd weer die verduvelde dicteemerrie!
Uit angst voor mijn schooltrauma en vrees voor instinkers als carrousel, geë-mailde en minuscule petitfours liet ik de uitnodiging aan mij voorbijgaan. Zodoende kon ik, verscholen in de regiekamer, anderen zien zweten en snotteren. Trouwens, zoom eens een beetje in op de burgemeester… Verdraaid, je ziet de dicteetor genieten van een stil en aandachtig publiek. Dat treft-ie wel eens anders.
Trouwens, zoom eens een beetje in op de burgemeester… Verdraaid, je ziet de dicteetor genieten van een stil en aandachtig publiek. Dat treft-ie wel eens anders
Taalvirtuoos Rein Leentfaar uit Middelburg greep na deze lange avond de overwinning met slechts negen fouten. Hij durfde wél en liet zich breed lachend met zijn bokaal bloemenbos op de foto zetten. Ondertussen stond boven zijn hoofd en ongezien een columnist met lege handen en een knagend geweten. Hoeveel fouten zou ík hebben gemaakt, tien of zesenveertig? Tja, we zullen het niet weten. Gelukkig.
In tegenstelling tot de Zeeuwse babbelaar, die de Dikke van Dale letterlijk uit zijn hoofd kent, laat ik me voor mijn wekelijkse schrijverij vooral leiden door vingertoppengevoel – sorry, maar ik háát onnodige buitenlandse woorden – en het dagelijks Leusdens leven. Het is ook omdat taal een levend instrument is. Kijk naar de straattaal van de jeugd, de ingeburgerde afkortingen door WhatsApp en de revolutie van de diversiteit en inclusiviteit.
Bij die laatste ontwikkeling word ik als schrijver nog wel eens op het verkeerde been gezet. Had ik voorheen te maken met mannelijke, vrouwelijke en onzijdige woorden, nu moet de schrijverij zich conformeren naar dat nieuwe alfabet, het zogenoemde Lhbtqi-abc. Om nog maar te zwijgen over de vlucht van kunstmatige intelligentie, die mijn pen dreigt over te nemen, en de nieuwe code voor jeugdliteratuur, want lelijk, dik en kaal kan écht niet meer.
Het dictee is gedaan, de FORT-bar gesloten en de zweet- en huilebalken gaan huiswaarts. Ik volg, want ook mijn column is klaar. Twee zinnetjes nog, want de opbrengst van de Rotaryclub-avond is voor de Taalschool van Voila, waar anderstaligen een lesje Nederlands krijgen. Voilà? Kon daar nou echt geen Nederlandse naam voor bedacht worden?!
Marco Bosmans, bosmans@xmsnet.nl