Hanna Toussaint: ,,Toen ik las wat KiKa doet, dacht ik: dit is het. Hiervoor wil ik lopen.''
Hanna Toussaint: ,,Toen ik las wat KiKa doet, dacht ik: dit is het. Hiervoor wil ik lopen.'' Privé foto

Voor de Leusdense Hanna Toussaint draait hardlopen niet om tijden, maar om steun voor kinderen met kanker

22 juni 2026 om 15:28 Mensen

LEUSDEN Hanna Toussaint loopt al jaren marathons voor KiKa. Om geld in te zamelen voor kinderen met kanker gaat de 65-jarige Leusdense zelf op zoek naar sponsoren, vooral bij supermarkten in de regio. Inmiddels heeft ze vier van de zes grote World Marathons gelopen. ,,Ik wilde weer bewegen, maar ook een doel hebben.’’

door Peter Pos

Op haar veertigste kreeg Hanna Toussaint de diagnose kanker. De ziekte zette haar leven stil en dwong haar anders naar zichzelf en haar toekomst te kijken. Jarenlang had sport geen grote rol meer gespeeld, maar tijdens haar herstel begon er iets te knagen. Ze wilde weer bewegen, weer iets opbouwen en zichzelf opnieuw uitdagen. 

„Op een gegeven moment dacht ik steeds: ik wil lopen, ik wil lopen”, vertelt de 65-jarige Leusdense. „Toen dacht ik: Hanna, dan moet je gewoon schoenen gaan kopen.” Wat begon met een paar voorzichtige kilometers groeide langzaam uit tot langere afstanden. Eerst werden het rondjes van drie kilometer, daarna vijf en tien. Vervolgens verschenen de eerste wedstrijden op haar agenda. „Ik wilde weer bewegen, maar ik wilde ook een doel hebben”, zegt ze. „Na die tien kilometer ben ik halve marathons gaan lopen. In Hoogland, daarna Amsterdam, Rotterdam en ook in Amersfoort. En toen had ik het gevoel dat ik eigenlijk door wilde rennen.” Dat gevoel bleek het begin van een avontuur dat haar uiteindelijk naar de grootste marathons ter wereld zou brengen.

RADSLAGEN

Dat juist zij ooit marathonloopster zou worden, leek vroeger allerminst vanzelfsprekend. Toussaint werd geboren in Paramaribo en kwam in 1972 naar Nederland. Ze groeide op in Soest, waar ze al jong ontdekte dat stilzitten niet bij haar paste. Eerst probeerde ze gymnastiek bij De Springbokken, maar daar werd ze niet gelukkig van. „Radslagen en handstanden waren niet mijn ding. Ik vond springen en rennen veel leuker.” 


Hanna Toussiant - Peter Pos

De overstap naar atletiekvereniging SO Soest bleek een schot in de roos. Daar ontwikkelde ze zich tot sprintster en draaide alles om snelheid. De honderd meter was haar favoriete onderdeel, net als het verspringen. Met de estafetteploeg van de club behaalde ze zelfs een vierde plaats op een Nederlands kampioenschap. „Ik was de laatste loopster van het team. De honderd meter sprint was echt mijn onderdeel”, vertelt ze. „Daar ben ik nog steeds trots op. Nog altijd is het zo dat als ik de finish van een marathon in zicht heb, dat ik de laatste 100 meter ga sprinten, dat zit er nog steeds in bij me.’’

,, Op een gegeven moment dacht ik steeds: ik wil lopen, ik wil lopen

Dat een sprintster ooit marathons van ruim 42 kilometer zou gaan lopen, had toen niemand kunnen voorspellen. Toch werden tijdens de trainingen al onbewust de eerste bouwstenen gelegd voor haar latere prestaties. „In de zomer moesten we ook lange duurlopen doen. Dan liep je soms drie kwartier alleen door het bos. Daardoor was ik wel gewend om alleen te trainen en langere afstanden vol te houden.”

Na haar jeugd verdwenen de wedstrijden naar de achtergrond. Toussaint koos voor een loopbaan in de zorg en bleef daar haar hele werkzame leven actief. Ze werkte jarenlang in de ouderenzorg bij Verpleeghuis De Lichtenberg. Nog altijd draait ze nachtdiensten in het Elisabeth Verzorgingshuis in Amersfoort. Ondertussen trouwde ze, kreeg kinderen en bouwde ze haar leven op in Leusden, de plaats waarmee ze zich sterk verbonden voelt. 

Het hardlopen speelde in die jaren nauwelijks een rol van betekenis. Pas na haar ziekte keerde de sport terug in haar leven en dit keer met een heel andere betekenis dan vroeger. Niet de snelheid stond centraal, maar het volhouden. Niet winnen van anderen, maar jezelf uitdagen en tegelijk iets betekenen voor een ander.

Tijdens haar zoektocht naar een doel kwam ze uit bij KiKa. Dat voelde direct goed. Haar eigen ziekteverleden speelde daarbij een rol, maar ook ervaringen binnen haar familie. „Ik ben zelf bekend met kanker”, zegt ze. „Daarnaast had ik een neefje met een hersentumor. Toen ik las wat KiKa doet, dacht ik: dit is het. Hiervoor wil ik lopen.” 

SUPERMARKTEN

Sindsdien zijn haar marathons onlosmakelijk verbonden met fondsenwerving voor kinderen met kanker. Daarbij wacht ze niet af tot sponsoren zich melden, maar gaat ze zelf op pad. Door de jaren heen stapte ze tientallen supermarkten binnen om haar verhaal te vertellen en steun te vragen. „Ik ben overal langsgegaan om mijn verhaal te vertellen”, zegt ze. „Elk bedrag helpt. Als mensen weten waarvoor je het doet, willen ze vaak helpen. In Leusden word ik ook gesponsord door twee bakkerijen, twee boekhandels, Ru-Vis, Foto Verhoef en Eurofleur. Daar ben ik enorm blij mee.’’

Ik ben overal langsgegaan om mijn verhaal te vertellen. Als mensen weten waarvoor je het doet, willen ze vaak helpen

Via flessenbonnenacties en collectebussen wordt geld ingezameld voor KiKa en het Prinses Máxima Centrum. „Hun pijn is ook mijn pijn”, zegt ze over de kinderen voor wie ze loopt. „Elke stap die ik zet, doe ik met een doel.”

Dat doel bracht haar inmiddels naar enkele van de beroemdste marathons ter wereld. Ze liep onder meer in Rotterdam, New York, Berlijn, Chicago, Londen en Boston. Vooral New York staat nog altijd in haar geheugen gegrift. „Mijn eerste grote buitenlandse marathon was New York. Die liep ik in zes uur en negenenvijftig minuten. Binnen de zeven uur. Dat voelde als een enorme overwinning.” 

Inmiddels heeft ze vier van de zes marathons voltooid die horen bij haar persoonlijke droom: het afwerken van de oorspronkelijke World Marathon Majors, de beroemde Big Six. Alleen Tokio en Syndey ontbreken nog. ,,In maart 2027 ga ik in Tokio lopen en het jaar erna wil ik Sydney doen. Dan krijg ik de medaille met de zes wereldmarathons die ik gelopen heb.’’

WOORDENBOEK

Wie naar Hanna Toussaint luistert, hoort al snel dat opgeven niet in haar woordenboek voorkomt. „Ik heb een doel en ik wil dat afmaken”, klinkt het resoluut. „Ik geef niet zo snel op hoor.” Zelfs als Tokio straks achter de rug is, denkt ze nog niet aan stoppen. De marathon blijft trekken. Nieuwe uitdagingen dienen zich alweer aan. „Na Sydney kijk ik wel verder”, zegt ze lachend. „Maar dat is nog ver weg, eerst Tokio.”

Mail de redactie
Meld een correctie

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie