
Verkiezingen
10 maart 2022 om 10:54 ColumnMijn zoon van bijna 8 wil dat we volgende week op het CDA stemmen. Hij is dol op vossen en de lijsttrekker van het CDA in Leusden heet Wim Vos. Vorige week bezochten we Burgers Zoo in Arnhem en onze zoon was hevig teleurgesteld dat er in de hele dierentuin geen vos te vinden was. Op de website van het park stond, dat er swift-vossen zouden zijn en dat was de enige reden dat hij mee wilde.
Wat onze negenjarige dochter wil stemmen, is ook duidelijk: D66. Zij houdt van zwemmen, van buiten zijn en van gezelligheid. Ze heeft gelezen dat D66 in het buitengebied van Leusden een recreatieplas wil. Zo eenvoudig kan het zijn.
Dit zijn de eerste raadsverkiezingen die we als Leusdenaren meemaken. We zijn dus blij dat we veel verkiezingsfolders in onze brievenbus vinden. We lezen erin en we praten erover. Het is leuk om te merken dat onze kinderen heel wat weten van de politiek.
Mijn eigen politieke interesse is beperkt. En juist daarom vind ik het belangrijk dat ik ga stemmen. Er wordt veel geklaagd over de kloof tussen burger en politiek. Die kloof is er wat mij betreft niet. Verkiezingen zijn er juist om iemand aan te wijzen die vakkundig mijn politieke standpunt uitdraagt en dat leuk vindt om te doen. Het woord daarvoor is niet voor niets volks-vertegenwoordiger. Je kunt nu eenmaal niet met de hele bevolking in een gemeenteraad of parlement zitten.
Mijn eigen politieke interesse is beperkt. En juist daarom vind ik het belangrijk dat ik ga stemmen
Toen ik nog op de middelbare school zat, was mijn politieke interesse groter en verzamelde ik verkiezingsposters van alle partijen. Mijn hele slaapkamer hing er vol mee, tot lichte ergernis van mijn moeder. ‘Ik schrik elke keer als ik opeens Joop den Uyl en Hans Wiegel naar me zie kijken’, zei ze. Vooral de poster van Wiegel was hilarisch, twee vierkante meter groot. Om die bemachtigen ben ik naar een verkiezingsbijeenkomst in de Rotterdamse Schouwburg geweest waar Wiegel sprak. Ik genoot van zijn redenaarstalent. Desondanks heb ik nooit op zijn partij gestemd.
In die tijd hingen veel mensen verkiezingsposters voor hun raam. Ik hoorde bij een kerk waar iedereen op het GPV stemde. Op één man na, die opzettelijk een CHU-poster voor zijn raam hing. Gevolg daarvan was, dat hij niet in aanmerking kwam voor kerkelijke functies. Maar dat was juist zijn bedoeling, vertrouwde hij me een keer toe, glimlachend. Tegenwoordig hangen er bijna geen posters meer aan de huizen. In onze wijk heb ik alleen nog maar posters van de SP en D66 gezien. En een keer het CDA, maar dat was langs het kanaal.
Op wie moet ik stemmen? In de stemwijzer scoorde ik bij alle partijen ongeveer zeventig procent. Ik ben er nog niet uit of dat aan de eensgezindheid van de Leusder politiek ligt of aan mijn gemiddelde desinteresse. Het hoogst scoorde het CDA van Wim Vos, met 71 procent. Zoon is blij. Maar ik weet het nog niet, hoor.
Peter Sneep, pjsneep@gmail.com


















