Afbeelding
Pixabay
Column

Vuelta

Column Knipoogje

Dit wordt een gedurfd stukje: 465 woorden over wielrennen. Immers, als er één sport is die mij niet boeit, dan zijn het wel die fietsers, die krom gebogen over hun stuur tegen de wind zichzelf een weg banen. Fietsen überhaupt – het trekt me niet. Ik word ook wel eens voor gek verklaard, omdat mijn beide fietsen al drie jaar geen kilometer hebben gezien. Geen centimeter zelfs. Oeps.

Ook deze week blijven ze in de schuur, ondanks de Spaanse feestweek. Het zal u niet ontgaan zijn dat de Ronde van Spanje dit jaar in Nederland start. Met dank aan een fanatieke groep Utrecht-lobbyisten, die na de Tour de France en Giro d’Italia ook de Vuelta a España naar hun stad wilden halen, trekt het circus komende zaterdag ook door Leusden. Dit bijzondere momentum van amper drie minuten is reden geweest een lokaal feestprogramma op te tuigen. Na een Baskische hittegolf om de boel een beetje op te warmen, is het blauw-wit-rood vervangen voor rood-geel-rood. Olé, Leusden is in Spaanse sferen! 

Van Vamos Spinning bij Theo Meijer tot Placa Tablao in het winkelcentrum, Spanje kietelt deze dagen alle zintuigen. En omdat ik zelf niet wilde achterblijven, heb ik inmiddels die blauwe verzamel-lp van Julio weer eens van zolder gehaald, mezelf een sherry ingeschonken en wat calamares besteld. Oké, het is misschien geen ode aan de sport, maar het getuigt wel van respect voor tradities. Hoe laat beginnen Spanjaarden trouwens aan hun siësta?

Ik word ook wel eens voor gek verklaard, omdat mijn beide fietsen al drie jaar geen kilometer hebben gezien. Geen centimeter zelfs. Oeps

Het toeval wil dat ik deze zomer een tête-à-tête had met Mart Smeets. Een Frans onderonsje, inderdaad, omdat de Tour de France aanleiding was voor ons samenzijn. Ik liet me door ‘de meester’ bijpraten over het koersen der renners. Smeets is een wandelende encyclopedie als het daar om gaat, dus ik absorbeerde. Wat me is bijgebleven van het gesprek, is tweeledig: de ultieme sportprestatie tijdens deze grote rondes én de vreselijke tafelmanieren in de hotels. Met name in Frankrijk moesten Tourrenners in Smeets’ jaren gastronomisch afzien. In Italië was de keuken top en in Spanje vooral te laat. De Spaanse eetcultuur schrijft een diner voor rond 22.00 uur. Dat was voor de meeste Noord-Europeanen niet te doen, biodynamisch gesproken. Dus presteren, ho maar.

Gelukkig zijn de tijden letterlijk een beetje veranderd en nemen de meeste wielerploegen tegenwoordig hun eigen keuken, kok en arts mee. Ook dat dient de topsport. Mag ik dat zeggen? Ja, dat mag ik zeggen. Tjonge, schrijven over eten maakt hongerig. Ik kan dan ook niet wachten om zaterdag, na mijn nieuwsdienst bij de regionale omroep, richting Leusden te rijden voor een bordje paella bij restaurant De Gezelligheid, pal aan het Vuelta-parcours. Op de fiets? Die is gek! Nee hoor, snel met de auto. En weet je wie er ook aanschuiven: burgemeester Bouwmeester en zijn loco’s. Hoe Spaans wil je het hebben?

Marco Bosmans, bosmans@xmsnet.nl.

advertentie
advertentie