
Column Peter Sneep: ‘Eigenlijk zeggen vogels vreselijke dingen: rot op, dit is mijn gebied. Vlieg op!
6 april 2023 om 11:28 Column[Lentekriebels
Een sneeuwklok en een krokus,
een tulp, een hyacint,
dat is ’t begin van ’t voorjaar
dat ik zo prachtig vind.
De bloemen gaan weer bloeien
en terug van weggeweest
komen vogels aangevlogen.
Het is een machtig feest.
Aan het eind van mijn studententijd zat ik in de vijf man sterke cabaretgroep Talkpoeder. We maakten bovenstaande muzikale ode aan de lente. Een coupletje dat begon met het woord Lewinski hebben we geschrapt. De lentekriebels van Bill en Monica vonden we te gevoelig voor een christelijk grappenmakersclubje. Maar we zijn ruim 25 jaar later die geschiedenis nog niet vergeten.
Eindelijk is afgelopen zondag het voorjaar begonnen, na weken regen. Gelukkig waren er voorboden dat de lente eraan kwam. De tuin van onze buren stond al heel lang vol sneeuwklokjes. Tingelingeling, riepen ze hele dag. Ik zei dat tegen onze kinderen: ‘Ik hoop dat ze dat getingel vannacht uitzetten.’ Vroeger vonden ze zo’n grapje leuk. Nu laten ze duidelijk merken dat ze de grappen van hun oude vader niet meer waarderen. Hetzelfde geldt voor de trompetnarcissen. Elke keer als ik op de Randweg en de Noorderinslag langs die prachtige stroken met gele bloemen rijd, span ik mijn lippen en doe het vrolijke geluid van een trompet na. Toen ze klein waren, moesten ze erom lachen. Nu ze groter zijn, beginnen ze het gênant te vinden. Ze hebben natuurlijk gelijk. Voor je het weet ben ik als vader een herhaalmachine en vertellen mijn kinderen later aan hun kinderen hoe flauw hun opa zaliger was.
Vroeger vonden ze zo’n grapje leuk. Nu laten ze duidelijk merken dat ze de grappen van hun oude vader niet meer waarderen
Ik kan het weten, want ik vertel aan mijn kinderen ook zulke verhalen over mijn ouders. En ook over een collega, zes jaar voor de affaire-Lewinski. Die riep elk jaar op 21 maart als ze de afdeling opkwam ‘Het is lénte’. De woorden ‘het is’ zei ze laag, de lettergreep ‘len’ zei ze een octaaf hoger en hield ze iets te lang aan; ‘te’ ging dan weer een paar tonen naar beneden. Ze riep dat de hele dag, ook in de pauze tegen andere collega’s. Ze heeft slechts een paar jaar bij ons gewerkt. Maar jaren later zei het halve bedrijf nog steeds op 21 maart (maar ook in de herfst enzo): ‘Het is lénte!’
Maar ik ben zelf ook blij als de lente begint en de donkere dagen voorbij zijn, de blaadjes weer aan de bomen komen en de bloemen weer gaan bloeien. De vogels die je wakker maken voordat de wekker gaat. Ik hou ervan. Het geluid van de merel. Mijn moeder zette het keukenraam open om in de avondschemering de merel te horen. ‘Luister’, fluisterde ze dan tegen mij. ‘Verderop hoor je nog een merel. Het is met alsof ze met elkaar praten.’
Ik ben bang dat ze geen gelijk had, want ik heb wel eens gehoord dat die vogels, waar wij zo van genieten, met hun gekwinkeleer hun territorium afbakenen. Eigenlijk zeggen ze vreselijke dingen: ‘Rot op, dit is mijn gebied. Vlieg op! Vrouwtjesvogels die in mijn gebied komen, zijn voor mij.’
Het is lénte!
Peter Sneep, pjsneep@gmail.com.



















